Moien!
Dat Luxemburg maar een dubbelgevouwen zakdoek groot is, hoef ik u niet te vertellen. Het is een ongestreken zakdoek, maar ik verken zijn kreuken op mijn gemak. Ik rij bewust niet te veel kilometers om het land langzaam te ontdekken en probeer zo vroege blessures te vermijden.
9 mei | Beho – Bourscheid
Dag op dag 23 jaar geleden deed ik mijn eerste communie, een prachtige dag. Vandaag zweer ik trouw aan Jezus Fietstus en vraag hem om mij veilig door het onbekende land te loodsen dat voor mij ligt.
Omringd door het knalgeel van koolzaad, brem en paardenbloem rijd ik Luxemburg binnen over een gravelpad. Wat later bereik ik de meren van Weiswampach, die ik een tijd terug als must visit had aangestipt op mijn landkaart. Ik weet bijgod niet meer waarom. Er is werkelijk niets te zien en zelfs geen klein restaurant of een winkel om eten te vinden. Als u ooit vanuit het noorden Luxemburg komt binnengereden, laat de meren van Weiswampach dan links liggen.

Op een terras in Clairvaux luistervink ik bij de locals in een poging het Lëtzebuergesch te ontraadselen, maar voorlopig begrijp ik nog niet veel van het gekke taaltje. Ik zoek een supermarkt, maar blijkbaar is Luxemburg daarmee maar erg dun bezaaid. Bovendien is het Europadag (?) en daardoor valt er al helemaal nergens eten te scharrelen.
Ik rij door een landschap dat gedomineerd wordt door koolzaadvelden en groene heuvels met windmolens op. De te hoog geprijsde camping met diepvriespizzaservice stelt wat teleur maar het uitzicht maakt veel goed. Mijn eigen vader stond hier 50 jaar geleden ook al, met de caravan.


10 mei | Bourscheid – Syren

Richting Ettelbruck loopt het pad meteen steil onhoog het bos in. Hoewel ik mijn voortassen zo klein en licht mogelijk heb gemaakt, blijkt toch dat de fiets in de bochten soms mij stuurt in plaats van ik de fiets. De komende reis zal toch vooral via verharde wegen moeten lopen.
Op 18 km van de hoofdstad laat mijn gps weten dat zijn hoofdje vol zit. Een dag niet getrackt is een dag niet gefietst, weten de Stravafreaks, en zo verlies ik een halfuur om dat kreng leeg te maken. Ik volg dan verder de Alzette, die uit het zuiden van het land hierheen stroomt.
Bij Luxemburg rijd ik verkeerd de stad binnen, maar gelukkig is er een ascenseur panoramique die me naar het centrum tilt. Boven heerst er een drukte van jewelste en ik verlaat de stad al snel om de rust op te zoeken in de natuur. Ik zoek wel 2 uur naar een geschikte kampeerplek en eindig in een speeltuintje met een beek ernaast die bereikbaar is door over een hek te klauteren. Als ik om 21.30 uur pas klaar ben met eten, verschijnen er op het speelplein plots meer kinderen dan er huizen in het dorp zijn. Nu maar hopen dat ze hun ouders niet gaan vertellen dat er een ‘rare meneer’ in de speeltuin zit …


11 mei | Syren – Welferding
Als ik ’s ochtends uit mijn tent in de zonnige wereld kruip, voel ik meer vertrouwen dan gisteravond. De nachten zijn nog koud zo vroeg in mei en het is voor het eerst dat ik zonder ijspegels voor tenen ontwaak. Om de gemoedsrust te vieren, leg ik een Duitse playlist op en bij Das Leichteste der Welt houd ik het bijna niet droog. De vooruitzichten voelen onbevattelijk, maar het was gar kein slechter Anfang. De geitenkaas-honingkoek uit een Luxemburgse Delhaize plakt harder dan de honderden harsdruppels bovenop mijn buitentent.
Bij het drielandenpunt kruis ik Schengen, de plaats waarnaar het Europese opengrenzenbeginsel werd vernoemd. Achter de Moezel lonkt Duitsland en daar loopt de weg meteen steil omhoog tussen de nog korte wijnranken. Ik stel terloops vast dat groen-zwarte bananen niet de beste bananen zijn. Tussen de windmolens rijd ik verder tot ik de Saar vind.
Op de oevers staan wegkwijnende industriegebouwen en witte acacia’s die mij verrassen met vlagen verfrissende waterdruppels uit hun bloesems. In Saarbrücken vink ik snel het centrum en het oeverpark af, dat op deze zondag afgeladen vol zit met zonnekloppers. Een peuter die met een drinkfontein speelt, helpt mijn bidons te vullen. Na een halve dag fietsen langs de Saar wil ik een bivakplaats verzilveren op haar oever. Bij de tweede poging tref ik al een prachtplek. Net onder de stad vormt de rivier de landsgrens en zo slaap ik na een halve dag Duitsland vanavond al in Frankrijk. Snel een duik en dan naar het nabijstgelegen restaurant voor Frankrijks meestgeserveerde nationale gerecht: matige pizza!
Als alle fietsdagen deze reis zo vlot verlopen als vandaag is naar Sjakkemakke fietsen misschien wel … het gemakkelijkste ter wereld.
MUVI






Eén reactie op “3. Een langzaam luxeleven”
Ruben…
Super wat je doet en super hoe je ons wil laten meebeleven. Ik volg 💪🏻
wens je heel veel plezier, mooie herinneringen en a dream coming true ☁️
op naar dat (verre) oosten…⛩️
good luck en keep safe 🍀
tante Ingrid (v Ella) 😘
LikeLike